woensdag 15 augustus 2012

een ballonnetje...

een ballonnetje dat danst in de wind Als een ballon, een ballon, een ballonnetje Een ballonnetje, dat danst in de wind Een tekst uit een liedje (uit 1958) van Toon Hermans; hij was wat mij betreft een grootmeester in creatief en speels taalgebruik. Lang geleden heb ik hem in Carre mogen zijn optreden Het zijn het soort ballonnen dat voor kinderfeestjes worden gebruikt, waar Toon Hermans in dit liedje het over heeft. Kleine luchtballonnetjes, waar iedereen vrolijk van wordt Er zijn ook de grote luchtballonnen die in deze tijd van het jaar majesteus door het luchtruim zweven. Tweemaal heb ik met zo’n gigantische ballon mee mogen varen, zweven en dat is indrukwekkend. Eenmaal is er bij ons op het land eentje geland en dat mag van mij zo weer. Niet vanwege de fles jenever, maar omdat er iets magisch van zo’n luchtballon uit gaat. De komende tijd zullen we veel ballonnen horen. Het gaat daarbij om een speciaal soort, genaamd ‘proefballon’. Deze komen vooral veel voor boven het luchtruim van Den Haag en ze schijnen zich vlak voor verkiezingen razendsnel te vermenigvuldigen. Een onuitroeibaar soort, dat normaal gesproken maar eens in de 4 jaar tot leven zou mogen komen. Het schijnt dat politieke partijen er speciale kweekvijvers voor hebben.... Een proefballon bestaat uit een soort Utopia, Walhalla of Aards Paradijs (doorstrepen wat niet voor u van toepassing is). In die proefballon zijn de dingen heel simpel en er gelden een paar basisregels: 1)het is altijd de schuld van de ander, maakt niet uit wie 2)wij beloven u gratis kraanwater, minder politici en 8-baanssnelwegen 3)als wij onze belofte niet nakomen, dan is het de schuld van de ander Waarom moet de kiezer gepaaid worden met beloftes en chocolademuntjes? Politiek gaat naar mijn idee om uitgangspunten, idealen. Het zou moeten gaan om het soort samenleving dat je wilt. Over kernvragen als keuzevrijheid, zelfbeschikkingsrecht. Over alles wat in de eerste artikelen van onze Grondwet staat. Niet de Grondwet ter discussie stellen, maar een visie ontplooien, hoe Nederland er uit zou zien op basis van de Grondwet. Geen one-liners, maar gedegen betogen. Een proefballon smaakt niet, maar stap eens in een echte luchtballon; bekijk Nederland en bedenk waar we naar toe willen.

vrijdag 10 augustus 2012

vacature

Recent las ik dat in Twenterand er een behoorlijk verontrustende toename is van het aantal jongere werklozen. Dat is een serieus probleem. Eigenlijk zou de gemeente, hier in samenwerking met bedrijven en instellingen, moeten proberen een oplossing te vinden Maat Twenterand kent ook oudere werklozen. Meer specifiek: oud raadsleden die hun baantje missen. En daar is geen opvang voor, het is helaas een vergeten groep Gelukkig zijn er onder hen, die niet bij de pakken gaan neer zitten, die zich niet achter de geraniums verschuilen, maar die uit de kast komen en het durven te zeggen: Yes, ik heb van alles geprobeerd maar ik ben uitgerangeerd. Yes, ik ben geen raadslid meer, ik ben weggelopen, maar ik probeer het steeds weer. Yes, ik heb weer een nieuwe partij. Yes, I Can (en mijn vrouw steunt en stuurt me) Ik heb al eens eerder geschreven dat Twenterand een relatief jonge gemeente is, dat het nog ontbreekt aan gemeenschapsgevoel en dat er dus een opdracht ligt voor het bestuur, voor de politiek Dat wordt allemaal niet makkelijker, als 1 partij zich alleen maar richt op de belangen van 1 kern binnen de gemeente. Natuurlijk, we hebben GBT al als politieke partij van Westerhaar. Maar heeft die politieke partij Westerhaar verder gebracht? Of hebben de inwoners dat zelf gedaan? En zouden de inwoners van Westerhaar alles op eigen kracht hebben gedaan, of samen met de gemeente, met de gemeenschap. Dat laatste zou betekenen dat elke inwoner van Twenterand iets heeft bij gedragen aan Westerhaar. Is Westerhaar daar beter van geworden? Ja! Is Twenterand als geheel daar slechter van geworden? Nee! Een partij als GBT die zich alleen richt op Westerhaar, sluit de ogen voor iedereen die zich sterk maakt voor de hele gemeente, voor de hele gemeenschap. Het vervelende is, dat datgene wat GBT voor Westerhaar wil, de nieuwe partij Vriezenveens Belang, voor Vriezenveen wil. Ja, in het laatste geval gaat het om een oud-raadslid die z’n baantje mist. Maar dan blijft de vraag, hoe ga je als inwoners van een gemeente met elkaar om? Is het dus de bedoeling dat elke kern, elke buurtschap z’n eigen partij opricht? Wat zou dat betekenen? 23 zetels in de raad verdeeld over 9 kernen en buurtschappen. Wordt dat een gemeenteraad voor de hele gemeenschap? Zowel GBT als oud raadslid Verboom geven het slechte voorbeeld

vrijdag 27 juli 2012

Struisvogel in Twenterand

TWENTERAND - De nieuwe coalitie schildert de financiĆ«le positie van de gemeente Twenterand veel te negatief af. Dat vindt de oppositiepartij Gemeentebelangen Twenterand. Er zou volgens het coalitie-akkoord sprake zijn van een uiterst, zorgelijke situatie, maar GBT-leider Engels noemt dit overdreven. Engels wijst op een goede reservepositie van de gemeente en hij noemt in dat verband een bedrag van 45 miljoen euro. Naar de mening van GBT gaat de coalitie onder het mom van financiĆ«le zorgen duchtig snijden in voorzieningen in de dorpen van de gemeente. Daar is volgens GBT geen reden voor en de partij belooft met plannen tot behoud van voorzieningen te komen. Bron: https://sites.google.com/site/gemeentebelangentwenterand/Home/nieuws/nieuws-2012/‘financieelepositiegemeentetenegatiefafgeschilderd’ Bovenstaand bericht las ik onder andere op de site van DeltaFM, maar ook letterlijk op de site van GBT. Er is dus niets verkeerd geciteerd, wat er in de media staat is ook echt de mening van GBT. Wel wat verontrustend om eerlijk te zijn: GBT ontpopt zich als een heel linkse partij: alles opmaken wat je hebt, wie dan leeft, wie dan zorgt. Zolang het korte termijn eigenbelang maar niet geschaad wordt. En het eigenbelang van GBt zijn natuurlijk de 7 zetels in de raad en de angst voor de komende verkiezingen. Maar helaas voor GBT de kiezer is niet gek! Elke vereniging (sport, cultuur of politiek) heeft inkomsten en uitgaven. Elke vereniging wil daar wat aan over houden en zo een spaarpot hebben voor onverwachte uitgaven, voor noodzakelijke investeringen. Hoe breng je de inkomsten omhoog en de uitgaven omlaag? Wat als het dak van het clubgebouw lek is? Dat geldt natuurlijk ook voor elk (gezins)huishouden in Twenterand. Wat komt er binnen en wat zijn de vaste lasten. Hebben we een spaarpotje voor het geval de wasmachine of de auto het begeeft? Dat is normaal boekhouden, dat is gezond omgaan met je geld. Het klopt, de gemeente Twenterand heeft een reservepositie, een spaarpotje, van 45 miljoen euro. Dat is omgerekend per inwoner net iets meer dan 1300 euro per persoon. Dat is, met excuses voor alle afrondingen en het feit dat ik uitga van 4 personen per gezin (conform gegevens CBS), iets van 5200 euro per gezin Gaan in 1 jaar de wasmachine en de auto kapot bij dat gezin, dan is dat al een aardige aanslag op de inkomsten en het spaarpotje. Ook de gemeente Twenterand moet rekening houden met onverwachte uitgaven en dus is reserve, een spaarpotje, verstandig. Het is vooral verstandig, omdat de inkomsten van de gemeente, minder zullen worden. Het grootste deel van de inkomsten van de gemeente komen van de rijksoverheid, niet van de OZB of de hondenbelasting. Omdat de landelijke overheid moet bezuinigen, gaan ook de bijdragen aan de gemeenten (via het zogeheten gemeentefonds) omlaag. Voor Twenterand zou dat op de lopende begroting een tekort van ruim 500.000 euro betekenen. Natuurlijk kun je dat, zoals GBT in de oppositie wil, uit het spaarpotje halen. Maar is het niet verstandiger om te kijken of je als gemeente in je uitgaven wat kunt veranderen? De tering naar de nering zetten. Toch wil GBT het spaarpotje opmaken om alle luxe in stand te houden. Dat is kortzichtig en onverantwoordelijk. De partij die praat over gemeentebelangen, loopt weg als er keuzes gemaakt moeten worden. Diezelfde partij wil gewoon geld uitgeven en maar zien of morgen de zon weer opkomt. Het logo van GBT zou eigenlijk een struisvogel moeten zijn....

maandag 16 juli 2012

hoe Haagsch is Twenterand?

‘t is maar eens een vraag, opgeroepen door de actualiteit. De vraag is hoeveel raadsleden de afgelopen jaren in Twenterand voortijdig, dus voor nieuwe verkiezingen, zijn gestopt. Hoeveel er hun raadszetel ter beschikking hebben gesteld en hoeveel er als afgesplitste fractie zijn door gegaan. Dezelfde vraag geldt eigenlijk ook voor de wethouders: hoeveel hebben er sinds het bestaan van de gemeente Twenterand, hun portefeuille voortijdig aan de wilgen gehangen? Om eerlijk te zijn, weet ik de precieze aantallen niet. Sommige situatie’s heb ik van dichtbij meegemaakt, anderen staan voor mij wat meer op afstand. In sommige gevallen is het een volstrekt logische keuze, ingegeven door prive-omstandigheden, of door een veranderende politieke situatie. Vooropgesteld dat ik niet alle situatie’s precies ken (en daarmee ben ik een gemiddelde inwoner van Twenterand): Toch vind ik, over het geheel genomen, het aantal veranderingen behoorlijk hoog. Naar mijn beste weten zijn er sinds 2001 6(!) wethouders voortijdig vertrokken. Grofweg is dat 1 wethouder per 2 jaar. Er zijn ook raadsleden, die voortijdig stoppen. Of door de werkdruk in combinatie met prive-leven, of door een politieke situatie. Sommigen stellen hun zetel ter beschikking, anderen kiezen er voor om, zonder duidelijke steun van de kiezer, in hun eentje door te gaan. Het meest recente voorbeeld in Twenterand is natuurlijk de PvdA. Farctievoorzitter Hans Zebel legt zijn functie als fractievoorzitter neer en beraadt zich er nog op of hij raadslid wil blijven. De reden (als ik de kranten mag geloven) is dat hij teleurgesteld is, dat hij geen wethouder is geworden. Ik vind dat schoolpleingedrag: als jij niet met mij wilt spelen, dan wil ik jou vriendje niet meer zijn. Een raadslid of een wethouder zit er namens de inwoners van Twenterand. Een raadslid of wethouder zit er namens zijn partij. Maar geen politicus is groter of belangrijker dan zijn partij, waar de kiezers van Twenterand op hebben gestemd. Het is jammer dat de politiek in Twenterand meer gaat om ego’s, dan om het belang van de samenleving. In de politiek moet je, met behoud van je principes, dienstbaar zijn. Dat betekent je een streep moet halen door je ego en kijken naar het groter geheel. De politiek in Twenterand is helaas wat te Haagsch geworden.

vrijdag 13 juli 2012

Coniunctis viribus

Nederland heeft voor het eerst sinds we hier een parlementaire democratie hebben (1848, de liberaal Thorbecke) een minderheidskabinet. Het was altijd goed (?) gebruik dat een kabinet kon steunen op een meerderheid in de Tweede Kamer. Zolang de helft + 1 maar braaf meestemde, was er niets aan de hand. De feitelijke inbreng van de oppositie was vaak gering. En ondanks de zegeningen van de twee paarse kabinetten, er was te weinig ruimte voor politiek en maatschappelijk debat. Alles was dichtgetimmerd, zoals dat heet. Niet voor niets ontstond er de Fortuyn-revolte, die in de jaren daarvoor zich lokaal al had aangediend. Het kabinet Rutte I bestond uit CDA en VVD, met actieve gedoogsteun van de PVV. Nadat de PVV was weggelopen bij de onderhandelingen over de bezuinigingen, weggelopen was voor haar verantwoordelijkheid, was er ineens een kabinet met een duidelijke minderheid in het parlement. Direct werd er door alle politieke partijen geconstateerd dat er zo snel mogelijk nieuwe verkiezingen moesten komen (12 september, vergeet u niet te stemmen?) Maar ik vraag me af waarom er nieuwe verkiezingen moeten komen. Het kabinet Rutte I, bestaand uit CDA en VVD, had gewoon door kunnen regeren. Er was immers geen motie van wantrouwen ingediend en aangenomen, er was geen conflict met het parlement. Er was geen dichtgetimmerd regeerakkoord, waarbij de oppositie monddood was gemaakt. Sterker nog, alle 10 politieke partijen in de Tweede Kamer, hebben nog nooit zo’n kans gehad om invloed op het regeringsbeleid te hebben. Het zou betekent hebben, dat meer politieke partijen bepaalden wat het beleid zou zijn. Het zou betekent hebben dat meer kiezers zich in het beleid konden vinden. Het zou een politieke vernieuwing van onze democratie zijn geweest. Op gemeentelijk niveau zijn, naar mijn beste weten, geen tussentijdse verkiezingen mogelijk. Eenmaal per 4 jaar kiezen wij onze raadsleden en op basis van de verkiezingsuitslag wordt er een college van wethouders gevormd. Dat gebeurde in 2010 ook: er kwam een college van CDA en GBT in Twenterand. Maar wat was dat een verstandshuwelijk: beide partijen hielden elkaar vast in het vooruitschuiven van beslissingen en de inwoners van Twenterand werden er niet beter van. Dat die samenwerking tussen CDA en GBT aan een vroegtijdig einde is gekomen, verbaast niemand. GBT als grootste partij wilde per definitie het onderste uit de kan en ging volstrekt voorbij aan andere opvattingen binnen de raad, die toch door alle inwoners van Twenterand gekozen was. GBT had (en heeft, ben ik bang) last van de arrogantie van de macht. Politiek betekent samenwerking, betekent samen tot oplossingen en besluiten komen in plaats van halsstarrig aan je verkiezingsbeloften vasthouden. GBT heeft die wijsheid, helaas voor haar kiezers, niet. Er is nu een nieuw college in Twenterand. Bestaand uit 4 wethouders (niet full-time) die niet gebonden zijn aan hun eigen partij, maar die rekening moeten houden met elke fractie in de raad. Van de zeven fractie’s hebben er 6 hun verantwoordelijkheid genomen en gekozen voor samenwerking, voor de toekomst van Twenterand. Wat mij opvalt in het nieuwe colatie-akkoord, zijn drie dingen: 1)voor de noodzakelijke beslissingen zijn er duidelijke termijnen afgesproken: iedereen weet waar hij aan toe is 2)niet alles is dichtgetimmerd; elke politieke partij in de gemeenteraad kan duidelijk invloed uitoefenen. 3)de daadkracht en het optimisme: niet miepen over wat niet kan, maar uitgaan van wat wel kan. Dat is lef, dat is politieke vernieuwing, dat is democratie en hier wordt Twenterand beter van! De VVD Twenterand heeft bewust gekozen voor deze samenwerking. Want zo kunnen wij in Twenterand de boel op orde krijgen.

woensdag 20 juni 2012

woorden hebben hun betekenis

woorden hebben hun betekenis De titel had ook kunnen zijn: het lerend vermogen van Twenterand In mijn blog van 13 maart schreef ik over de manier waarop B&W van Twenterand wil weten, hoe de inwoners over duurzame energie denken. De gemeente had in al haar wijsheid besloten, om hier via haar website, een enquete over te houden. Daar viel nog wel wat op af te dingen.....: Kern van mijn kritiek was tweeledig: er werd teveel jargon gebruikt en de enquete was manipuleerbaar, omdat je deze net zo vaak kon invullen als je wilde. Weinig professioneel! Nu wil de gemeente weten, hoe u met de gemeente wilt communiceren. Deze enquete richt zich op de vraag, of u via de ‘social media’ (denk aan Facebook, Twitter, Hyves etc) contact wilt met de gemeente. Ik was even benieuwd hoe vaak deze enquete was in te vullen. En jawel, onbeperkt. Met andere woorden, je zou er bij wijze van spreken een dag voor kunnen uittrekken en deze enquete maar blijven invullen. Wat zijn dan de uitkomsten er van nog waard? De enquete is opgesteld door een extern bureau, waar de gemeente ongetwijfeld fors voor betaalt. Waarom moet er een extern bureau worden ingeschakeld? Wat zijn de uitkomsten van deze enquete waard? Inhoudelijk, maar ook als je het afzet tegen de rekening die de gemeente moet betalen. Als je zwart-wit denkt: de gemeente geeft ons geld uit, waar wij vervolgens weer misbruik van kunnen maken. Dat vind ik een vervelende gedachte. Ik ben in zoverre van de oude school, dat ik vind dat je moet kunnen vertrouwen op datgene wat de overheid zegt. Daarvoor hebben we een bestuur, daarvoor hebben we verkiezingen, daarvoor hebben we een democratie. In Twenterand kan dat dus blijkbaar niet. Want als de gemeente de uitkomsten van deze enquete’s publiceert, als de gemeente hier mee aan het werk gaat, zal mijn gedachte toch zijn: “jaja, maar de basis van de informatie is niet betrouwbaar”. En ik wil graag mijn medemens en de overheid, die van ons allen is, kunnen vertrouwen. Maar ach, in Twenterand moet je zelfs de woorden van de burgemeester anders lezen dan hij ze bedoeld heeft. Want in de beantwoording van schriftelijke vragen door de VVD, schrijft hij: “beter zou kunnen worden gelezen als”.

vrijdag 13 april 2012

Vissen in de politiek

in de meest recente aflevering van de zwembadensoap (wordt vervolgd, blijft u kijken) kwam de rol van burgemeester Visser ter sprake. De burgemeester had het (inmiddels door de raad afgeschoten) collegevoorstel aan een meerderheid geholpen, door mee te stemmen met de portefeuillehouder.
Hiermee zou de burgemeester een politiek standpunt hebben ingenomen en dat zorgde voor nog al wat kritiek.
De formele rol van de burgemeester is vrij duidelijk: hij heeft stemrecht in het college van B&W en als de stemmen staken, als de wethouders er niet uitkomen, geeft de stem van de burgemeester de doorslag.
Dat burgemeester Visser gebruik heeft gemaakt van zijn stemrecht, is zijn goed recht. Dat hij het gebruik ervan uitlegt, verdedigt als er in de publieke opinie ruis ontstaat, is ook logisch. De burgemeester heeft immers ook de informele rol van burgervader.
De uitleg die Visser geeft, is wel vreemd. Hij beweert stellig geen politiek te bedrijven. Letterlijk zegt hij: “en dan is het niet aan mij om op welke manier dan ook een politiek standpunt in te nemen” (bron: www.twenterand.nl)

En hier gaat Visser de mist in. De burgemeester heeft namelijk wel degelijk een politieke rol en neemt uit hoofde van zijn functie automatisch een politiek standpunt in. De simpele feiten dat hij deel uitmaakt van het college en voorzitter is van de raad, maken zijn rol groter dan alleen het bewaken van het proces: elke beslissing die de burgemeester neemt heeft een politiek karakter.
Stel dat Visser inzake het collegevoorstel niet had meegestemd, dan was de kans groot geweest dat de raad nu nog niet over de zwembaden had kunnen debatteren. Misschien was het college gestruikeld over de zwembaden. Deze scenario’s hebben zich niet voorgedaan, want Visser heeft gebruik gemaakt van zijn stemrecht. Dat mag! Maar, zijn keuze om uberhaupt te stemmen heeft een politiek karakter. Het feit dat hij meegestemd heeft met de portefeuillehouder heeft ook een politiek karakter. Het zijn beiden politieke standpunten.
Als je het omdraait en Visser had niet gestemd, of had gestemd tegen het voorstel van wethouder Idzinga, dan had dat politieke consequenties gehad. Nu hij zijn stem voor het voorstel van de portefeuillehouder heeft uitgebracht, zou dat ineens niet politiek zijn.
Dat vind ik een rare redenering, het is een tegenstrijdigheid die burgemeester Visser op geen enkele manier kan waarmaken.
De burgemeester is ook voorzitter van de raad. Dezelfde door ons gekozen raad die hem beoordeelt op zijn functioneren en eventueel voordraagt voor herbenoeming. De burgemeester als voorzitter opereert in een puur politieke omgeving. Kan hij dat zonder “op welke manier dan ook een politiek standpunt in te nemen”? Elke beslissing die hij neemt, de manier waarop hij de vergadering van de raad leidt, heeft politieke gevolgen. De burgemeester neemt qualitate qua een politiek standpunt in, bewust of onbewust, maar de gevolgen zijn er.
In de gemeente Twenterand is burgemeester Visser ook portefeuillehouder Economische Zaken. Kan hij dat doen zonder een politiek standpunt in te nemen? Natuurlijk niet. Om op dit terrein succesvol te zijn en politiek neutraal te blijven, is een spagaat waar een circusartiest jaloers op zou zijn.
Saillant detail is, dat burgemeester Visser in zijn verklaring toch een politiek standpunt inneemt en daarmee zijn eigen stelling onder uit haalt.Hij zegt: “Er stond een klein meisje met een t-shirt aan waarop stond geschreven: Ik wil mijn zwemdiploma halen in Vriezenveen. Duidelijker kan de boodschap voor de raadsleden toch niet zijn?!”


Als dat geen impliciete opdracht aan de raad, als dat geen politiek standpunt is? De mening van de burgemeester, de beslissingen die hij neemt, zijn politiek. Dat te ontkennen is politiek een beetje dom...



 

vrijdag 23 maart 2012

kopje onder in het VNG congres.....

Ja, ik ga nu gemakshalve wat onvergelijkbare zaken aan elkaar koppelen. Ik weet het, het mag niet en toch doe ik het.....
Het college van B&W Twenterand (CDA en GBT) heeft inmiddels een behoorlijke lijst opgebouwd van uitgestelde beslissingen. Het meest in het oog springende is natuurlijk de beslissing rond de zwembaden. De gemeente Twenterand heeft teveel zwembaden, gerelateerd aan het aantal inwoners, de bezoekers en de kosten. Dat er iets moet gebeuren, daar is vriend en vijand het wel over eens. Maar er zijn, op weg naar een oplossing , een paar problemen en ik noem ze nu in willekeurige volgorde.
elke kern wil haar eigen zwembad behouden
het college durft geen beslissingen te nemen
het CDA loopt in deze aan de teugels van GBT
het college is gevlucht in het project burgerparticipatie
de uitkomsten van dit project worden aan de kant geschoven, vanwege het verstandshuwelijk tussen CDA en GBT

Wat heeft Twenterand, bij gebrek aan het vermogen om een besluit te nemen, uitgegeven aan onderzoeken, aan onderhoud van de zwembaden, aan het project burgerparticipatie? Kunnen CDA en GBT deze kosten verantwoorden vanuit hun verstandshuwelijk?

De uitkomsten van het project burgerparticipatie zijn volledig aan de kant geschoven; terecht dat de betrokkenen zich geschoffeerd voelen: zij zijn een speelbal geworden van de onmacht van het CDA en de angst van GBT.

Dit college, dat geen besluiten kan nemen over structurele bezuinigingen, gaat wel voltallig naar het VNG congres. Een jubileumfeestje dat 3 miljoen kost. Is een VNG congres nuttig? Ja. Moet het college van Twenterand er bij zijn? Ja. Maar alle wethouders, de burgermeester en de gemeentesecretaris, betalen hun bijdrage a €850 vanuit de gemeentekas. Dat is bij elkaar €5100.
Het zou toch zo mooi zijn, als het hele college zou zeggen: ‘weet je wat, wij betalen de bijdrage zelf. Deze kosten dragen we zelf. Een structurele bezuiniging op de zwembaden krijgen we niet voor elkaar, maar we willen wel het goede voorbeeld geven’.

Dit college van CDA en GBT gaat nog eens zwemmend ter onder....

dinsdag 13 maart 2012

Hoe duurzaam is dit college?

Afwegingskader (maar dan 4 maal) Duurzaam (maar dan 6 maal)

Bent u er nog? Hoho, niet weglopen, uw mening wordt gevraagd over een ruimtelijk afwegingskader en co-producten. Of u weet wat het betekent is niet belangrijk, als u uw mening maar geeft. Aldus het college van Twenterand.
Omdat ik wel belangrijk vind, dat u weet waarover het gaat, even een korte toelichting. In het voorjaar van 2011 heeft de VVD een motie ingediend, waarbij het college van B&W werd verzocht om de mogelijkheden van duurzame energie in kaart te brengen. Deze motie werd raadsbreed ondersteund, het was niet alleen de VVD die de energiemogelijkheden op lange termijn in kaart wilde brengen.
Een jaar verder, schriftelijke vragen van de VVD over dit onderwerp, een gesprek met de wethouder en wat heeft het college ons gebracht? Jawel, een enquete. Nu weten we allemaal hoe de coalitiepartijen, CDA en GBT, omgaan met de inbreng en de mening van de inwoners. Denk maar eens aan het project burgerparticipatie zwembaden.
Welke waarde moeten we nu aan deze enquete toekennen?
het college heeft na een jaar nadenken blijkbaar zelf nog geen mening
het college wil de mening van de inwoners (dat is op zich goed) maar geeft niet aan wat ze er mee zal doen
het college verschuilt zich (4 x 6) achter technische termen, zonder toelichting of keuze.


Als je die enquete bekijkt en invult, dan zul je zien dat er keuzes worden gevraagd. Maar het zijn keuzes zonder toelichting op de consequenties ervan. En, je kunt de enquete zovaak invullen als je wilt, want er wordt niet gestuurd of gecontroleerd op IP-adressen. Er is geen enkele manier om dubbeling van uitkomsten te voorkomen. Met andere woorden, de uitkomst van deze enquete is te manipuleren. Dat is wel zo ongelooflijk dom. Hoe moeten wij als inwoners de uitkomst van die enquete serieus nemen?

Binnen een jaar (!) tijd had het college toch zelf een mening moeten hebben over duurzame energie.

maandag 12 maart 2012

wie wil er wethouder worden?

De tijd dat bedrijven in de rij staan om oud-wethouders een baan aan te bieden lijkt voorbij. Dat blijkt uit een rondgang langs verschillende oud-wethouders in Overijssel.

De kop van een bericht op de site van RTVOost. Er zijn verschillende redenen waarom iemand geen wethouder meer is. Laat ik er eens een paar noemen, in willekeurige volgorde:
prive-redenen. Het functioneren binnen het openbaar bestuur vergt enorm veel tijd en energie. Je leeft in een glazen huis, maar je hebt onvoldoende tijd voor je eigen huis, je eigen thuis.
De verkiezingen: je partij komt na de verkiezingen en de college-onderhandelingen niet terug in het college; dan ben je vanzelf oud-wethouder.
Politieke redenen: de gemeenteraad zegt het vertrouwen in je op, dan kun je nog maar 1 ding doen: aftreden
Toch is het wat wrang: een wethouder dient de zaak van de gemeente, van de gemeenschap. Hij of zij steekt er enorm veel tijd in, steekt het hoofd boven het maaiveld uit, heef te weinig tijd voor prive en kan vervolgens genadeloos worden afgeserveerd.
De publieke opinie is altijd hard. Maar helaas te weinig begripvol voor degenen die namens ons allen het aandurven om te besturen, om beslissingen te nemen voor de gemeente waarin wij wonen
Iemand die het wel heeft gedurfd, maar om wat voor een reden dan ook, moet stoppen als wethouder, heeft recht op een schadevergoeding, op wachtgeld. De gedachte daar achter is, dat de wethouder voor ons, voor het algemeen belang heeft gewerkt en nu door ons wordt geholpen voor zijn inzet. Een logische en rechtvaardige gedachte. Je zult maar wethouder willen worden.
Maar waarom gaan bedrijven, organisatie’s, werkgevers dan zo krampachtig om met oud-wethouders? Zij zijn degenen die het lef hebben om hun nek uit te steken. Als werkgever wil je toch ook niet je kop in het zand steken?
Het openbaar bestuur is voor en van ons allemaal. Bedrijven zouden kunnen en moeten profiteren van de kennis en ervaring van bestuurders

vrijdag 2 maart 2012

heilige huisjes...

heilige huisjes.....


Schokkende cijfers, oplopend begrotingstekort, noodzakelijke bezuinigingen en vooral hervormen. Elke politicus wil hervormen. ‘t Lijkt wel een modewoord.
Wat ik niet begrijp, is waarom er niet ‘hervormd’ wordt op het moment dat het economisch goed gaat. Hoeft het dan niet? Of is er dan geen ‘draagvlak’ voor? In goede tijden zou je de financieen zo moeten organiseren, dat je in slechte tijden nog even vooruit kunt. Heel simpel: je zorgt dat je niet meer uitgeeft dan er binnenkomt, dat je een spaarpotje hebt.
Dat er bezuinigd moet worden lijkt me vrij duidelijk: de staatsschuld blijft maar oplopen en burgers houden de hand op de knip. Dat laatste is niet best (soms wel verstandig voor het eigen spaarpotje) want wil je de economie op gang helpen, dan moet je consumeren en investeren. Koop die nieuwe tv, steek geld in zonnepanelen. Wat je uitgeeft, zorgt ook voor werk!
De overheid kan hetzelfde doen: projecten opstarten voor weg- en waterbouw. Elke opdracht van de overheid genereert werk. In de crisisjaren ’30 is de Weitemanslanden ontgonnen.
Nu weet ik ook wel, dat elke werkopdracht van de overheid, betaalt moet worden vanuit de opbrengsten, lees: belastingen. Maar belastingen kunnen alleen worden opgebracht als er ook gewerkt wordt, als er omzet is, als er verdient wordt. De overheid kan daar een belangrijke rol in spelen, door: te snijden in eigen vlees, gunstige belastingsmaatregelen te treffen en te investeren in de openbare ruimte (in de brede zin des woords).
Jammer is wel dat de politieke partijen (regering en oppositie) vast houden aan de heilige huisjes. Geen korting op ontwikkelingshulp, terwijl die hulp de ontvangende landen economisch afhankelijk houdt. Geen beperking van de hypotheekrenteaftrek, terwijl er met een heel scala aan maatregelende woningmarkt weer vlot getrokken kan worden.
Het zijn maar twee voorbeelden. Maar ik zoek het lef van dit kabinet, van elke politieke partij, om echte maatregelen te nemen. Niet de angst voor de kiezer als leiddraad nemen. Toch is die angst vaak het ‘Leidmotief’, zowel landelijk als lokaal. Landelijk omdat er geen echte keuzes gemaakt worden. Lokaal omdat CDA en GBT geen beslissing durven te nemen over de zwembaden, die ons als een molensteen om de nek hangen.

Kom op, heb lef!

dinsdag 28 februari 2012

het maaiveld

Gelukkig zijn er veel mensen die zich betrokken voelen en betrokken zijn, bij onze samenleving. Ik heb altijd al een hekel gehad aan mensen die aan de kant staan en zeggen: ‘ze moeten het beter doen’. Meestal gaat het dan over ‘de politiek’ of ‘de overheid’ of ‘de ambtenaren. Lees maar eens de reacties op Twitter, of op de site van de Tubantia.
Ik heb groot respect voor mensen die zich inzetten voor onze samenleving. Of je nou kandidaat politiek leider van de PvdA bent of vrijwilliger bij de voetbalvereniging, je draagt iets bij aan een betere samenleving. Je geeft invulling aan je eigen verantwoordelijkheid.
Het gebeurt helaas te vaak dat mensen kritiek leveren zonder zelf iets te doen. En vaak wordt die kritiek ook nog anoniem geleverd. Lekker makkelijk....Wederom, kijk maar eens op Twitter en op de site van de Tubantia. Het is triest dat mensen lopen te schelden op diegenen die wel hun verantwoordelijkheid nemen. Alles wat ik schrijf, publiceer en doe, is onder mijn eigen naam. Want ik voel me verantwoordelijk en ik wil mijn steentje bijdragen aan een betere samenleving.
Het gebeurt teveel dat onze volksvertegenwoordigers, onze bestuurders, via de social media te kakken worden gezet. Oh, het is zo gemakkelijk om eventjes anoniem of op afstand kritiek te leveren.
Maar wat doe je zelf? Wat is jouw bijdrage aan een betere samenleving? Wat is jouw bijdrage aan een mooi Twenterand?

Daar ben je zelf bij, daar ben je zelf voor verantwoordelijk. Domweg schelden helpt niet

verlicht veilig

“De gemeenten willen in het buitengebied de verlichting verwijderen die er niet voor de verkeersveiligheid staat. De veiligheid mag namelijk niet in gevaar komen. Zo blijven de meeste kruisingen in het buitengebied verlicht.” Aldus de tekst op de site twentebewustverlicht.nl

Als je het goed leest, staan er wat rare dingen in. Er zijn dus kruisingen waarbij de lantaarnpalen wel verwijderd kunnen worden, zonder dat de verkeersveiligheid in gevaar komt. Komt er soms geen verkeer over die kruisingen? Waarom zouden die kruisingen in het donker wel veilig zijn?
En als de veiligheid niet in gevaar mag komen, waarom kijkt de gemeente dan alleen naar verkeersveiligheid? Voor de inwoners van het buitengebied betekent de straatverlichting meer dan alleen verkeersveiligheid. Het aantal inbraken en diefstallen is, ook hier in de Weitemanslanden, schrikbarend hoog. Als er minder straatverlichting is, is er meer gelegenheid tot diefstal. De gemeente gaat toch ook over de openbare orde? Ik ben bang dat minder straatlantaarns niet wordt gecompenseerd door meer inzet van politie in het buitengebied.
De fout die de gemeente Twenterand nu maakt, is dat de Weitemansweg door drie gemeenten loopt: Almelo, Tubbergen, Twenterand. Van de eerste twee is niet bekend wat zij gaan doen met de straatverlichting. Wat betekent dat de gemeente Twenterand op een lange weg plukjes lantaarnpalen verwijderd, zonder na te denken over de gevolgen voor de hele weg. Het resultaat zal zijn: een stukje donkere weg, een stukje verlichte weg, een stukje donkere weg. Is dat de veiligheid die de gemeente Twenterand wil?
Kan er hier en daar een lantaarnpaal weg? Vast wel. Maar de gemeente moet niet alleen kijken naar verkeersveiligheid, maar ook naar inbraakpreventie, de veiligheid voor de bewoners. En dit goed overleggen met bewoners en de gemeenten Almelo en Tubbergen.

donderdag 9 februari 2012

kopje onder?

In de raad van Twenterand stelt een fractie een vraag aan een wethouder. Gebruikelijk is dat de vragensteller verantwoordelijk is voor de vraag en de beantwoorder verantwoordelijk is voor het antwoord. Dat hoort nou eenmaal bij het politieke spel. Maar wat als de bevraagde geen antwoord geeft? Wat als de bevraagde refereert aan feiten die de vragensteller niet kan kennen?
Het is precies wat er dinsdag gebeurde..... De VVD Twenterand stelde bij het vragenhalfuurtje vragen over het besluit van het college om het besluit inzake de zwembaden wederom uit te stellen. Saillant detail was, dat de raad dit besluit tot uitstel via de media had vernomen in plaats van door een brief vanuit het college. De VVD wilde dus niet alleen weten waarom de beslissing weer was uitgesteld, maar ook waarom de media er eerder van op de hoogte waren dan de raad.
Het antwoord van wethouder Idzinga was tegelijk triest en lachwekkend. Idzinga verwees in zijn antwoord naar een brief die naar de raad gestuurd was en daarmee was voor hem de kous afgedaan. Alleen: die brief was nog helemaal niet naar de raad verstuurd, de raadsleden waren simpelweg nog niet op de hoogte. Het leverde het wat trieste beeld op van een wethouder die moest toegeven dat hij het ook allemaal niet wist, maar dat het vanzelf in orde zou komen....Herhaalde vragen van de VVD om duidelijkheid te krijgen, werden door de voorzitter, de burgermeester, niet toegestaan
Wat leverde het vragenhalfuurtje nou op?
1)wethouder Idzinga heeft de boel niet op orde. Hij kon geen antwoord geven op de vragen over de vertraging en verschool zich achter een brief die nog niet verstuurd was
2)De burgermeester als voorzitter van de raad, greep niet in bij de non-antwoorden van de wethouder, maar hield zich aan de technische procedures. Helaas deed diezelfde burgermeester dat niet bij alle hopeloze interrupties van GBT
3)Er is wederom geen duidelijkheid voor de inwoners van Twenterand

De VVD Twenterand wil duidelijkheid voor onze inwoners, wil antwoorden op de vragen. En daarom zijn dezelfde vragen nu door de VVD schriftelijk ingediend. In de hoop op een serieus antwoord.

woensdag 8 februari 2012

het schoolplein vanTwenterand

Voor mij is het lang geleden dat ik op het schoolplein heb gespeeld en ik zal goed in mijn geheugen moeten graven om te achterhalen, welke spelletjes we deden. Uiteraard knikkeren, als door een soort magie ineens het knikkerseizoen begon. Er was altijd toezicht op het schoolplein. Een vriendelijk maar ook strenge juf of meester, die van tijd tot tijd meespeelde, maar ook strak in de gaten hield dat wij ons aan de regels hielden. Geen vechtpartijen, fair play bij de spelletjes. Er waren altijd kinderen die extra in de gaten moesten worden gehouden: of omdat ze te graag de baas speelden, of omdat altijd aan het kortste eind trokken. Eigenlijk functioneerden de juf en meester dus als een soort scheidsrechter. En als ik me niet aan de regels hield, dan werd ik terug gefloten. Ik kan gerust zeggen: ik zocht de grenzen van de regels wel op. Maar ik had ook heilig ontzag voor het fluitje van de scheidsrechter. voor de gebiedende stem van de juf en meester.

Zittend op de tribune bij de raadsvergadering, denk ik dat het voor veel raadsleden ook lang geleden is, dat ze op het schoolplein gespeeld hebben. Maar ik hoop dat een ieder er ook goede herinneringen aan heeft.
D’r zijn er die het schoolpleingedrag niet verleerd zijn. Dat is op zich niet verkeerd, want je mag in het debat best de grenzen van de regels opzoeken. Je mag er alleen niet overheen gaan. Toch is dat helaas wat er in de raad van Twenterand gebeurt: ver over de grenzen van de regels gaan. En helaas ontbreekt het aan een meester die ingrijpt.
Gisteravond, 7 februari, was het weer over tijdens de raadsvergadering. Dhr Engels (GBT) overtrad stelselmatig de regels en brak met alle fatsoensnormen. Herman Finkers zou zeggen: ‘dat heeft zo;n jongen toch niet nodig’. Maar blijkbaar heeft dhr Engels dat wel nodig. Waarom? Heeft het GBT geen argumenten? En moet Engels bij gebrek daaraan zichzelf overschreeuwen? Of is hij onzeker van zijn eigen positie?

Het zou Engels sieren als hij zich wat minder gedroeg als het miskende jongetje op het schoolplein. Helaas krijgt hij die ruimte, neemt hij die ruimte omdat de burgermeester zich niet opstelt als de strenge meester. En zo wordt de raad van Twenterand een schoolplein, maar of de herinneringen daaraan dan ook zo mooi zullen zijn?

vrijdag 3 februari 2012

is de VVD Twenterand asociaal?

van Gumus via Mauro tot .....?

Het verhaal is bekend, In 1997 wilde de toenmalig staatsecretaris voor asiel, mw Scmitz (PvdA) de Turkse kleermaker Gumus terug sturen naar zijn vaderland. Haar beslissing was conform de wet, maar Nederland stond op z’n kop. Pvda-coryfee Ed van Thijn dreigde: als Gumus wordt uitgezet, zeg ik mijn lidmaatschap van de PvdA op.
U raadt of weet het al: Gumus ging terug naar Turkije en Ed van Thijn bleef lid van de Pvda.
In de loop van de jaren heeft elke bewindspersoon, verantwoordelijk voor asiel en immigratie, wel een ‘hoofdpijndossier’ op z’n bureau gehad. Het gaat er mij nu even nadrukkelijk niet om, welke politieke kleur de ambtsdrager had: VVD, CDA, PvdA (of zelfs eventjes LPF). Elke minister of staatssecretaris is gewetensvol omgegaan met de wet, met de ‘hoofdpijndossiers’ en met de discretionare bevoegdheid. Dat laatste wil zeggen, dat de verantwoordelijk bewindspersoon een uitzondering kan maken op de wet en regelgeving, In het algemeen is het zo, dat hoe minder ruchtbaarheid voor een schrijnende situatie, hoe groter de kans op de uitzondering. De gemiddelde asielzoeker heeft geen baat bij veel publiciteit, bij veel Bekende Nederlanders. Er wordt veel meer achter de schermen opgelost. En dat is een realiteit waarmee we rekening moeten houden.

Actueel is de motie over het kinderpardon:
Landelijk is de VVD hier op tegen, maar lokaal zijn er VVD afdelingen die wel steun geven aan het kinderpardon. Dat is prima, want de VVD kent geen kadaverdiscipline. Of je als VVD afdelingen nu wel of geen steun verleent aan deze motie, in alle gevallen heeft er een gewetensvolle discussie plaatsgevonden.

In alle gevallen is het een gewetensvolle en dus soms lastige afweging. Het handhaven en toepassen van de wet en de regelgeving gaat soms van ‘au’. Klopt, maar dat is de uitkomst van onze democratie.
Onze democratie moeten we koesteren. We moeten daar respectvol mee omgaan, net zo goed als met de personen en argumenten.
De VVD Twenterand heeft goede redenen om niet mee te gaan met de motie over het kinderpardon. Maar het gaat te ver, het gaat veel te ver, om deze VVD afdeling en haar leden en vertegenwoordigers, vervolgens af te schilderen als ‘asociaal’. En toch is dat precies wat er in de Tubantia gebeurt is. Ik wil niet dat de leden van de VVD Twenterand, waar ik voorzitter van mag zijn, dat de fractie van de VVD Twenterand, als asociaal worden bestempeld. Ik wil wel dat de besluiten van de VVD Twenterand en haar leden, met respect worden behandeld!

wat durft debestuurder?

Ga eens terug in de tijd en neem Molly Geertsema (VVD) als voorbeeld. Hij was van 1961 tot 1971 burgermeester van Wassenaar. Een bestuurder van de oude stempel, een regent. Iemand die wist te luisteren, iemand die besluiten durfde te nemen.
In Wassenaar heb je een arbeiderswijk, genaamd het Kerckehout, met eenvoudige rijtjeswoningen. Eens in het jaar is daar een buurtfeest, met barbeque en rommelmarkt. Toen Geertsema burgermeester was van Wassenaar, bezocht hij steevast het buurtfeest van de wijk Kerckehout. Dat ging als volgt: hij liet zich voorrijden met de dienstauto (chauffeur met pet) en nam plaats. Het organiserende comite vroeg zeer beleefd ‘ meneer de burgermeester, wat wilt u drinken?’ Het antwoord was ‘een borrel’. Waarop het comite niets anders kon doen dan zeggen ‘maar meneer de burgemeester, wij hebben van de gemeente geen vergunning voor drank gekregen’. Geertsema sloeg met de vuist op tafel en zei dat er vanaf nu vergunning was. Uiteraard stond de borrel onder het schap al gereed.
Geertsema hield vervolgens een soort van audientie: de inwoners mochten vertellen over hun noden. En als er werd gemopperd over de straatverlichting, dan was twee dagen later de gemeente bezig met de straatverlichting.
Het was burgerparticipatie pur sang: de burgermeester luisterde naar de inwoners en deed er vervolgens ook wat mee.
Het is een verhaal uit vervlogen tijd, maar in die arbeiderswijk wordt de reeds lang verscheiden Geertsema nog steeds geroemd.

Hoe gaat dat in Twenterand? Wel, wij hebben een bestuur, dat niet bestuurt. We hebben een burgermeester die geen burgervader is. Wat we wel hebben, zijn: werkgroepen, vormen van burgerparticpatie, middelen die voor het college een excuus vormen om geen besluit te nemen. Tel eens op hoeveel besluiten dit college heeft uitgesteld. Tel eens op wat dat allemaal kost, inclusief externe adviesbuerau’s. Met zulk gedrag komt de gemiddelde inwoner z’n bed niet meer uit voor de politiek in Twenterand.
Het meest recente besluit van dit college is, om een besluit over de zwembaden weer uit te stellen. Wat heeft het dan voor een zin, om als college te zeggen: wij luisteren naar de burgers? Zelf zou ik zeggen, beter een slecht besluit nemen dat je dan vervolgens ter vuur en ter zwaard verdedigt, dan alles maar uit te stellen en je te verschuilen achter werkgroepen en externe bureau’s. De inwoners van Twenterand willen duidelijkheid, willen een bestuur dat staat voor z’n zaak.

Waar is de burgermeester, waar is de wethouder. die met zijn vuist op tafel slaat en zegt: zo gaan we het doen! Regeert de angst? Ik ben bang van wel. Ik wacht met smart op bestuurders die durven te besturen.

donderdag 2 februari 2012

Wass will das Weib?

Een vraag zo oud als de mensheid. En een vraag waarop vele metaforen toepasbaar zijn. Ik wil het graag dichtbij huis houden en vertaal vrij: wat wil het CDA? 
Het CDA heeft zich decennialang, in haar huidige vorm, maar ook daarvoor in haar oorspronkelijke delen van ARP, CHU en KVP als das Weib gedragen. Een beetje naar links, een beetje naar rechts, maar altijd lag het CDA in het midden, in het kuiltje van de matras.
Landelijk regeert het CDA met de VVD, er is een kabinet met een VVD premier, Mark Rutte. Dit minderheidskabinet wordt formeel gedoogd door de PVV, maar kan voor alle moeilijke beslissingen rekenen op wisselende meerderheden in de Tweede Kamer. Dat is wat mij betreft de democratie ten top: geen vanzelfsprekende machtsbasis maar zoeken naar wisselende meerderheden om de noodzakelijke besluiten voor Nederland te nemen. Geen arrogantie van een dicht getimmerd coallitie-akkoord, maar de stemmen van zoveel mogelijk kiezers laten gelden.
Toch heeft het CDA het daar moeilijk mee. Er is geen automatisme van de macht en de positie van het CDA in het politieke spectrum is onduidelijk.
Me dunkt dat juist die onduidelijkheid een partij de ruimte geeft om haar eigen positie te kiezen. Er is zoveel politieke vrijheid dat je als partij die ruimte moet kunnen nemen. Maar het CDA is nog wat aan het zwalken. Er is geen duidelijk politiek leider, er is geen koers en het ontbreekt deze partij aan het vermogen om de politieke ruimte in te vullen.
Maar, wacht: er was een denktank die door middel van herbronnen er voor moet zorgen dat het CDA de juiste koers vaart. En die juiste koers blijkt, als je de media mag geloven, het radicale midden of juist links van het midden te zijn.
Nu is het links van het midden niet alleen behoorlijk druk (dus wat heb je er te zoeken?), maar je moet je ook afvragen of je in die stroom wilt meevaren of er juist tegen wilt varen. Dat laatste leidt tot botsingen, met ernstige stremmingen tot gevolg.
Wat het CDA landelijk gaat doen, geen idee. Waar haar leden voor kiezen, geen idee, Ik weet wel dat het CDA hier in Twenterand in een college zit met GBT, een afsplitsing van de PvdA en in die zin maakt het CDA hier al een ruk naar links.
Maar wat levert dat lokale experiment het CDA nou op? Ik weet het niet. Enige wat ik weet dat het CDA, al van oudsher betrouwbare partij, nu ineens een partij van potverteren is geworden. Voor elke beslissing wil dit college van CDA en GBT een extern onderzoeksbureau (denk aan de Klaampe), voor elke beslissing worden de reserves meer en meer uitgeput (denk aan de verplaatsing van Poorthuis). Maar het allerliefst worden beslissingen uitgesteld (denk aan de zwembaden)
Is dat  nu het resultaat van het CDA over links? Lokaal wel, met alle gevolgen vandien. Landelijk, laten we het hopen dat het niet zover komt. Maar de vraagt blijft: wat wil het CDA.
De stabiele factor, landelijke en lokaal, is de VVD!