Ga eens terug in de tijd en neem Molly Geertsema (VVD) als voorbeeld. Hij was van 1961 tot 1971 burgermeester van Wassenaar. Een bestuurder van de oude stempel, een regent. Iemand die wist te luisteren, iemand die besluiten durfde te nemen.
In Wassenaar heb je een arbeiderswijk, genaamd het Kerckehout, met eenvoudige rijtjeswoningen. Eens in het jaar is daar een buurtfeest, met barbeque en rommelmarkt. Toen Geertsema burgermeester was van Wassenaar, bezocht hij steevast het buurtfeest van de wijk Kerckehout. Dat ging als volgt: hij liet zich voorrijden met de dienstauto (chauffeur met pet) en nam plaats. Het organiserende comite vroeg zeer beleefd ‘ meneer de burgermeester, wat wilt u drinken?’ Het antwoord was ‘een borrel’. Waarop het comite niets anders kon doen dan zeggen ‘maar meneer de burgemeester, wij hebben van de gemeente geen vergunning voor drank gekregen’. Geertsema sloeg met de vuist op tafel en zei dat er vanaf nu vergunning was. Uiteraard stond de borrel onder het schap al gereed.
Geertsema hield vervolgens een soort van audientie: de inwoners mochten vertellen over hun noden. En als er werd gemopperd over de straatverlichting, dan was twee dagen later de gemeente bezig met de straatverlichting.
Het was burgerparticipatie pur sang: de burgermeester luisterde naar de inwoners en deed er vervolgens ook wat mee.
Het is een verhaal uit vervlogen tijd, maar in die arbeiderswijk wordt de reeds lang verscheiden Geertsema nog steeds geroemd.
Hoe gaat dat in Twenterand? Wel, wij hebben een bestuur, dat niet bestuurt. We hebben een burgermeester die geen burgervader is. Wat we wel hebben, zijn: werkgroepen, vormen van burgerparticpatie, middelen die voor het college een excuus vormen om geen besluit te nemen. Tel eens op hoeveel besluiten dit college heeft uitgesteld. Tel eens op wat dat allemaal kost, inclusief externe adviesbuerau’s. Met zulk gedrag komt de gemiddelde inwoner z’n bed niet meer uit voor de politiek in Twenterand.
Het meest recente besluit van dit college is, om een besluit over de zwembaden weer uit te stellen. Wat heeft het dan voor een zin, om als college te zeggen: wij luisteren naar de burgers? Zelf zou ik zeggen, beter een slecht besluit nemen dat je dan vervolgens ter vuur en ter zwaard verdedigt, dan alles maar uit te stellen en je te verschuilen achter werkgroepen en externe bureau’s. De inwoners van Twenterand willen duidelijkheid, willen een bestuur dat staat voor z’n zaak.
Waar is de burgermeester, waar is de wethouder. die met zijn vuist op tafel slaat en zegt: zo gaan we het doen! Regeert de angst? Ik ben bang van wel. Ik wacht met smart op bestuurders die durven te besturen.
vrijdag 3 februari 2012
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten